Testmethodes schroefdraad

Schroefdraadbevestigers worden vervaardigd van verschillende materialen voor gebruik in verschillende materialen. Voor een goede integratie van de schroefdraad in de plaat zijn met name de plaatdikte en –hardheid van belang.

De sterkte van een schroefdraadverbinding is niet alleen afhankelijk van de materiaalkwaliteit van de gekozen schroefdraadbevestiger en bout, maar ook van de verbinding tussen de schroefdraadbevestiger en de plaat.

De uittrekwaarde en het doordraaimoment (figuur 1 en 2) zijn een goede indicatie voor de sterkte van de verbinding tussen de schroefdraadbevestiger en het plaatmateriaal. Op de productpagina’s worden, van de meeste schroefdraadbevestigers, de specifieke uittrekwaarden en doordraaimomenten vermeld.

De sterktewaarden, ook vermeld op de productpagina’s, zijn indicatief daar zij beïnvloedt worden door de hardheid van het plaatmateriaal, plaatdikte, gatafmeting, randafstand en installatiekracht.

De sterkteklasse van de schroefdraadbevestiger bepaalt in belangrijke mate de treksterkte en het aandraaimoment (figuur 3) van de schroefdraadverbinding.